| Loopsheid bij dehond
Circa 4 - 6 weken vóór de 1ste dag van de
zichtbare loopsheid start de hypofyse, de productie van het
FSH en stuurt dat via het bloed naar de eierstokken. FSH
stimuleert in de eierstokken de groei van follikels
(blaasjes). In de steeds groter wordende follikels komen de
eicellen tot ontwikkeling en ontstaat meer en meer
het bronsthormoon of oestrogeen 1.
Als het follikel groot genoeg is en voldoende oestrogeen in
het bloed terechtkomt, komen de uitwendige loopsheids
verschijnselen tevoorschijn.
Ook de hypofyse registreert dat de
hoeveelheid oestrogeen in het bloed is toegenomen. Als
reactie daarop vermindert de hypofyse de productie van FSH
en brengt een tweede hormoon in het bloed, onder invloed
waarvan de follikel zo ver doorrijpt dat hij barst en de
eicel vrijkomt; dit noemen we eicelsprong of ovulatie. Het
tweede hypofyse hormoon, het Luteiniserend Hormoon
of LH, zorgt er ook nog voor, dat het gat van de
gebarsten follikel wordt opgevuld met een weefsel, het
corpus luteum of gele lichaampje, dat het
drachtigheids hormoon of progesteron produceert.
Zolang het gele lichaampje blijft
voortbestaan, en dus progesteron produceert, weet de
hypofyse dat het geen FSH moet produceren, zodat er geen
follikels groeien, geen oestrogeen in het bloed komt en de
teef dus ook niet loops wordt. Progesteron houdt de
baarmoeder gesloten en de vruchten kunnen zich ongestoord
ontwikkelen. Dit hormoon wordt ook wel geïnjecteerd om de
loopsheid te onderdrukken of te voorkómen. Oestrogeen zou de
loopsheid opwekken, de baarmoeder openen en de vruchten
afstoten.
Als de eicel na het barsten van de rijpe
follikel in de eileider is beland, kan zij na 1 - 3 dagen
rijping, daar bevrucht worden. Gebeurt dat niet, dan gaat
met de eicel ook het gele lichaampje verloren. Soms blijft
het gele lichaampje wat te lang voortbestaan bij een niet
bevruchte teef; teven die dat overkomt worden
schijndrachtig!
Vindt er wel bevruchting plaats, dan
verhuist de bevruchte eicel tussen de derde en de zevende
dag na de bevruchting naar de baarmoeder. Deze is, mede
onder invloed van het progesteron, ondertussen in gereedheid
gebracht om de eicel stevig te laten innestelen in het
baarmoederslijmvlies: Een goede verbinding tussen
baarmoederslijmvlies en bevruchte eicel is noodzakelijk voor
de voeding. Tegen de tijd dat de vruchten voldragen zijn
seint de moederkoek dat het progesteron producerend
lichaampje uit zijn functie kan worden ontheven, zodat de
geboorte op gang kan komen
Het is aan de buitenkant (het gedrag van
de hond) niet altijd eenvoudig om te zien, wanneer een teef
dekrijp is. Normaliter ligt de vruchtbare periode tussen de
9de en 13de dag van de loopsheid, maar er zijn teven die
staan al op de 6de of pas op de 21ste dag. Er zijn
verschillende methodes om te bepalen wanneer een teef staat:
ervaring, vaginaal uitstrijkjes (celonderzoek) en
progesteronbepaling.
1) Oestrogenen zijn een
groep steriodhormonen die meestal
vrouwelijke hormonen genoemd worden, omdat
ze een belangrijke rol spelen bij de
ontwikkeling van de vrouwelijke
geslachtskenmerken, het reguleren van de
menstruele cyclys en bij dracht. Maar
oestrogenen komen ook wel in lage
concentraties voor in het mannelijk lichaam.
De belangrijkste oestrogenen zijn estriol,
estradiol en estron.
Oestrogenen worden bij
vrouwen o.a. afgescheiden door de
eierstokken . Ze spelen een belangrijke rol
bij de lichamelijke ontwikkelingen in de
puberteit, zoals de groei van debaarmoeder
en vulva en het groter worden van de
tepelsen de genitaliën. Oestrogenen zijn van
belang voor het soepel houden van de vagina,
en voor de productie van het cervix-slijm
(dat weer van invloed is op de activiteit en
levensduur van zaadcellen die de vagina
binnen komen).
|